De Chinese afvalcrisis

De Chinese afvalcrisis

China stopte begin 2018 definitief met de import van afval uit de hele wereld. Europa exporteerde jarenlang meer dan 40% van haar plastic afval naar China.

1 november 2018 Tom Zoete

De impact op de Europese afvalindustrie is dus zeer groot. Het afvoerputje zit definitief verstopt. De Europese regeringen moeten van deze crisis een opportuniteit maken om het afvalbeleid te hervormen zodat het meer bijdraagt tot een gezonde leefomgeving.

De export van afval naar China nam in de jaren 1990 een hoge vlucht. De meeste plastics werden in China met de hand gesorteerd op duizenden kleine vuilnisbelten met afval. Soms werd het plastic gerecycled en keerde terug naar Europa in de vorm van goedkope prullen. China tolereerde lange tijd de nadelen van dit afval, zoals lokale vervuiling van gronden en rivieren en de slechte arbeidsomstandigheden temidden giftige stoffen. Dit kwam in de aandacht door de documentaire Plastic China.

De Chinese economische groei zorgt ervoor dat ze dergelijke opofferingen niet langer hoeven te maken. Er wordt binnen China ook steeds meer geconsumeerd, en de overheid wil meer recycling (350 miljoen ton tegen 2020) van die binnenlandse stromen halen. De milieuvervuiling en de volksgezondheid speelden ook een rol bij de beslissing.

China waarschuwde de Wereldhandelsorganisatie in juli 2017 dat het een campagne zou starten tegen yang laji, buitenlands afval. Het Chinese importverbod ging van start op 1 januari 2018 en maakte een einde aan de decennialange invoerpraktijken.

Het Chinese verbod behelst veel types plastic (PET, PE, PVC, PS, en “andere” plastics), textiel, ongesorteerd gemengd papier en andere materialen. 24 stromen en dan zeker een aantal plastics komen het land niet meer in. De eisen worden streng. Gemixte plastics maar ook uitgesorteerde monostromen, worden niet meer geaccepteerd. Het gaat dan om plastics van huishoudens maar ook van bedrijven.

China gaat daarmee verder op een trend die eerder werd ingezet. In 2013 legde het programma “Green Fence” kwaliteitsnormen op de import van recyclebaar materiaal. De recentere “National Sword”-campagne richtte zich tegen illegale import van afval.

 

Welke gevolgen in Europa en Nederland?

46% van alle plastic afvalexport in de wereld ging in 2016 nog naar China.

Europa exporteerde het meeste afval naar China. Europa exporteerde 2,9 miljard ton plastic afval naar China. Dat is 40% van het Europese plastic afval. Maar tegelijkertijd wordt een deel van wat we hier recycling noemen naar cementovens gestuurd. Als we dat niet meetellen, dan werd zeker de helft van de plastics in Europa naar China gestuurd voor recycling. De afvoer naar China werd handig gebruikt om de Europese recyclingcijfers kunstmatig beter te doen ogen.

België en Nederland zitten in de wereldtop als het gaat over de export van plastic afval. Beide landen nemen elk 4 procent van de wereldhandel in plastic afval voor hun rekening. Daarmee exporteren ze meer afval dan landen als Frankrijk, Spanje Canada of Mexico (Harvard University, The Atlas of Economic Complexity). Belgë en Nederland horen overigens ook bij de top-5 plastic-afvalimporteerders (studie van 2014).

 

Concrete problemen op het terrein

Het importverbod zal op korte termijn tot een drietal problemen leiden: meer verbranding, meer storten en meer olie richting plastics.

We zien nu al dat plastics worden opgeslagen. Begin december 2017 ontstonden reeds afvalbergen van plasticfolie bij Vlaamse afvalintercommunales.

De Vlaamse Openbare Afvalstoffenmaatschappij (OVAM) heeft geen precieze cijfers voor Vlaanderen over het transport naar China, maar schat dat het jaarlijks om 40.000 tot 50.000 ton ging.

Het wordt duurder voor afvalintercommunales om bepaalde plastics kwijt te raken. Sommige vinden zelfs geen afnemers meer. Recyclagebedrijven en afvalintercommunales gaan door een bijzonder moeilijke periode, aldus zegt Christof Delatter, die voor de Vereniging voor Vlaamse Steden en Gemeenten (VVSG) het afvalbeleid opvolgt.

Ook de talrijke brandende afvalbergen in Polen worden door de Poolse overheid gelinkt aan het Chinese invoerverbod.

 

Kunnen wij zelf al dit afval in Europa zelf verwerken?

Zeker de laagwaardige plastics, die moeilijker toe te passen zijn, en waar minder vraag naar is, brengen steeds minder op. Omdat China zo lang een oplossing voor de recyclage van bepaalde plastics bood, is er in Europa geen recyclagecapaciteit. We hebben in Europa te weinig verwerkingscapaciteit ervoor en het wordt heel erg duur om er van af te raken. Dus het wordt opgeslagen.

Nederland is een van de grootste importeurs en exporteurs van plastics. Via Hamburg, Rotterdam en Antwerpen vertrekken veel plastics naar China.

In Nederland zal de inzameling nog wel even doorgaan, maar de plastics worden in hangars opgeslagen en die zullen steeds voller gaan raken. Het risico bestaat dat besloten wordt om ze te gaan verbranden. Of ergens anders naartoe exporteren, hopend dat ze daar wel gerecycled gaan worden.

In veel plekken is dit een motivatie om extra verbrandingsovens bij te bouwen of de plastics te storten. Wat helemaal zonde is.

 

Hervorming van het afvalbeleid in Europa

Haven Rotterdam

 

De Europese Commissie kwam op 17 januari met haar Plastic Strategy en op 28 mei met het verbod op een aantal single-use plastic producten en het voorstel om naar 90% selectieve inzameling van petflessen te gaan, bijvoorbeeld door statiegeld in te voeren. Dat zijn goede eerste stappen. Maar er zal meer nodig zijn om de zeeën en de leefomgeving in Europa te beschermen tegen de effecten van afval.

Het zijn waardevolle grondstoffen die geëxporteerd werden. Maar omdat het gaat over honderden soorten verschillende plastics is het heel moeilijk om dit goed te verwerken.

We moeten de recycling in Europa hervormen en reorganiseren, legt Recycling Netwerk-directeur Rob Buurman uit bij VPRO Bureau Buitenland naar aanleiding van het Chinese importverbod.

1. De beste aanpak is nog altijd het probleem aan de bron aanpakken.

1.1. We moeten het met minder verpakkingen doen. De productie moet weg van wegwerp en veel meer naar herbruikbare producten evolueren.

1.2. Het automatisme om plastic rotzooi bij te maken moet we uitbannen. McDonalds, plastic rietjes, oververpakking, ballonnen, plastic bekers, plastic wegwerpflessen, overdaad aan plastic verpakkingen die uit heel veel verschillende kleuren bestaan en verschillende materialen moeten geband worden.

 

2. Daarnaast moet het beleid veel meer richten naar hoogwaardige recycling. We zeggen het al jaren, en nu zien we dat de bedrijven het ook beginnen te zeggen.

2.1. In Nederland wordt nog alles gezamenlijk ingezameld. Veel wordt naar Duitsland gestuurd om uiteindelijk richting China te gaan. Dat spul gaan we nu niet meer kwijtraken. We moeten toe naar stromen die veel beter te recyclen zijn.

2.2. Het design van verpakkingen is dan ook belangrijk. Op dit moment doen producenten van plastic verpakkingen heel weinig om hun verpakkingen duurzamer te maken. De milieu-impact van de verpakkingen zelf moet omlaag.

2.3 Één belangrijk instrument is om te zorgen dat plastics verplicht voor een belangrijk deel uit gerecyclede plastics bestaan. Zo krijgen recyclingbedrijven de opdracht om beter materiaal aan te leveren en gaan producenten ook betere verpakkingen op de markt brengen omdat het voor henzelf belangrijk is dat die verpakkingen straks ook weer worden gerecycled.

Voor PET, dat wordt bijvoorbeeld in schaaltjes gebruikt, kan de CO2-voetafdruk van het materiaal met 80% omlaag als gerecycled plastics worden gebruikt. Maar op dit moment zijn – flessen en enkele verpakkingen uitgezonderd – bijna geen van de verpakkingen die je in de AH kan kopen, gemaakt van gerecycled materiaal. Daar is dus steeds nieuwe olie voor nodig. Eigenlijk moet de overheid zeggen: vanaf nu gaan we verplichten dat producenten voor verpakkingen gerecycled materiaal gaan gebruiken.

2.4. Daarnaast: hele sterke tariefdifferentiatie. Als jouw verpakking of product niet wordt gerecycled of enkel wordt gedowncycled, dan moet je een veel hoger tarief voor betalen.

2.5. Ook het uitbreiden van statiegeld naar kleine plastic flesjes (en blikjes) wordt dringender. Die worden dan veel beter gerecycled – en richten geen schade meer aan in het milieu. Op dit moment wordt slechts een bescheiden deel van de plastic flesjes goed ingezameld en gerecycled. (Ook van de blikjes gaat veel verloren en worden geen nieuwe blikjes van gemaakt). Statiegeld zorgt voor veel meer recycling. In Duitsland zelfs 98%.

 

Noodklok over het afvalbeleid

Er is zeker urgentie om maatregelen te nemen tegen de plastic stroom nu de Chinese afvoerbuis definitief verstopt zit. Statiegeld kan snel ingevoerd worden. De hervorming van het brede afvalbeleid zal meer tijd vragen. Daarom mag er echt niet langer getreuzeld worden met studies allerhande.

De regeringen in Nederland, België en de rest van Europa kunnen deze Chinese afvalcrisis als een bedreiging of een crisis zien. Maar wij vinden dat de regering hier een mooie opportuniteit voor het Europese bedrijfsleven van moet maken. De overstap maken naar de circulaire economie kan extra jobs creëren in recycling, engineering en research. Zo kan de crisis in een opportuniteit worden gekeerd.