FACTCHECK: Werkelijke recyclagecijfers zijn lager dan wat Fost Plus beweert

FACTCHECK: Werkelijke recyclagecijfers zijn lager dan wat Fost Plus beweert

Recycling Netwerk neemt in deze factcheck de cijfers die Fost Plus rapporteerde onder de loep. De cijfers blijken een overschatting van wat daadwerkelijk wordt gerecycleerd.

7 juni 2018 Recycling Netwerk

In België worden plastic flessen en flacons, conservenblikken en drankenkartons ingezameld via de blauwe zak. Andere verpakkingen moeten bij het restafval. Het systeem van de blauwe zak is goed ingeburgerd. Er is een prijsprikkel voor de burger om de blauwe zak te gebruiken en doordat de inzameling aan huis gebeurt, is het voor de burger interessant en gemakkelijk om eraan deel te nemen.

Fost Plus is verantwoordelijk voor de blauwe zak. Deze organisatie organiseert in opdracht van supermarkten en drankenproducenten de inzameling en recyclage van de verpakkingen. Fost Plus publiceerde in mei 2018 haar recyclagecijfers van de op de markt gebrachte verpakkingen. Recycling Netwerk neemt in deze factcheck de cijfers onder de loep. De cijfers blijken hoger te liggen dan wat daadwerkelijk wordt gerecycleerd.

 

Recyclagecijfers volgens Fost Plus

Volgens het jaarverslag van Fost Plus (over 2017) wordt 89,1% van alle verpakkingen gerecycleerd. De berekening van de recyclage gaat als volgt. In België wordt het ingezamelde gewicht als gerecycleerd geteld. Bedrijven die producten op de markt brengen geven aan bij Fost Plus hoeveel het totale gewicht ervan is. Fost Plus zamelt die verpakkingen in via de blauwe zak en bepaalt het gewicht van de verschillende ingezamelde verpakkingen. Dit wordt vervolgens vergeleken met het aandeel dat bij Fost Plus is gerapporteerd.

Deze aanpak leidt tot verschillende fouten in de rapportering. Stuk voor stuk leiden die fouten ertoe dat de cijfers hoger uitvallen dan realistisch is. De volgende factoren spelen hierbij een rol:

  1. Ongeveer 5 tot 10% van de verpakkingen in de blauwe zak, wordt aangekocht in andere landen (voornamelijk Nederland en Frankrijk). Die verpakkingen worden opgeteld bij de recyclagecijfers (de teller van de breuk) maar ontbreken in de cijfers van verpakkingen die op de markt worden gebracht (de noemer van de breuk). Door prijsverschillen tussen de landen is het omgekeerde effect veel kleiner.
  2. Het gaat om zelfrapportering door de bedrijven die de verpakkingen op de markt zetten. Dit leidt tot twee problemen.
    Allereerst is er de kwestie van free riders: bedrijven die verpakkingen op de markt brengen in België maar die niet rapporteren bij Fost Plus. De statiegeldstudie van de OVAM schat dit op zo’n 8%. De verpakkingen van deze bedrijven komen wel terecht in de blauwe zak (de teller van de breuk) en drijven de recyclagecijfers dus kunstmatig omhoog.  Ten tweede, de zelfrapportage is niet waterdicht. Er kan sprake zijn van onderrapportage wat opnieuw zou leiden tot kunstmatig hoge recyclagecijfers. Het is niet duidelijk hoe groot dit effect is.
  3. Tot slot is de sortering en bepaling van het aandeel verpakkingsafval ook niet perfect. Na sortering zullen er verpakkingen tussen de stroom zitten van ander materiaal, of van het juiste materiaal maar betreft het geen fles of flacon, of er zit nog aanhangend vuil en vocht bij. Het effect hiervan verschilt per afvalstroom.

Tabel 1 hieronder laat de recyclagecijfers van Fost Plus over 2017 zien. We bespreken achtereenvolgens de recyclagecijfers van glas, van metalen (met een focus op blikjes), van drankenkartons en van plastic flessen.

Tabel 1: recyclagecijfers België zoals gerapporteerd door Fost Plus (Fost Plus. Jaarverslag 2017)

 

 

1. Glas

De recyclage van glas wordt volgens Fost Plus geschat op 114,5% (tabel 1). Dat is een fout van minimaal 14,5 procentpunten en waarschijnlijk zal het significant meer zijn. Ervan uitgaande dat niet gefraudeerd wordt, geeft dit aan dat het gecombineerde aandeel van free riders, buitenlandse aankopen en sorteeronnauwkeurigheden, zeer hoog ligt.

Uit de cijfers uit het jaarverslag 2017 van Fost Plus volgt dat haar leden in Vlaanderen 171.099 ton glazen verpakkingen op de markt brengen en er 195.928 ton wordt gerecycleerd (1).

In Vlaanderen komt per jaar per inwoner 2,11 kg glas verpakking in het huishoudelijk restafval (dat niet gerecycleerd wordt) terecht. Dat blijkt uit een sorteeranalyse van het huisvuil uitgevoerd door de OVAM in 2013 en 2014 (2). Met het inwoneraantal van 6.516.011 komt dat in totaal neer op 13.749 ton glas. Dat is 8,0% van het glas dat in 2017 op de markt werd gebracht, dat dus al niet gerecycleerd wordt.

De recentezwerfvuilmeting in opdracht van Limburg.net laat zien dat 13,96% van het gewicht van het zwerfvuil bestaat uit glazen verpakkingen (3). Dat percentage toegepast op de totale hoeveelheid zwerfvuil in 2015 van 27.427 ton, komt neer op ongeveer 3.829 ton glas in het zwerfvuil (4) (5). Hiervan bestaat een deel uit buitenlandse aankopen (5-10%) en verpakkingen van free riders (8%). Gecorrigeerd is er sprake van 3.140 tot 3.331 ton verpakkingsglas in het zwerfvuil. Dat is 1,8% tot 1,9% van wat er in 2017 op de Vlaamse markt werd gezet door de leden van Fost Plus. Ook dit deel van het glas wordt niet gerecycleerd.

Opgeteld bij de 8% glas in het restafval, is er dan sprake van 9,8 tot 9,9%, glas dat niet selectief wordt ingezameld. Er kan dus maximaal 90,1 tot 90,2% van het verpakkingsglas worden gerecycleerd. De door Fost Plus opgegeven 114,5% is dus tenminste 24,3 procentpunten te hoog. In het bedrijfsrestafval en in het niet opgeruimde zwerfvuil zit ook nog glas, waardoor de werkelijke recyclagecijfers waarschijnlijk nog lager liggen.

Specifiek voor glas valt nog op te merken dat (gebroken) glazen producten zoals vazen, glazen of kaarsjeshouders ook bij het glazen verpakkingsafval terecht kunnen komen. Verder kan het ook zo zijn dat een deel van de hervulbare flessen wordt meegeteld bij de recyclagecijfers van de eenmalige glazen verpakkingen. Het leidt ertoe dat bovenstaande berekening de werkelijke recyclage van glas vermoedelijk nog altijd te hoog inschat.

De Belgische markt van glazen verpakkingen verschuift verder steeds meer naar eenmalige drankverpakkingen. De hoeveelheid herbruikbare flessen daalt al jaren achtereenvolgens (zie grafiek 1 hieronder). Deze informatie is niet terug te vinden in het jaarverslag van Fost Plus, maar staat in het activiteitenverslag van de Interregionale Verpakkingscommissie (6).

Grafiek 1: Evolutie herbruikbare drankverpakkingen

Volgens artikel 3,§1, 2º van het Samenwerkingsakkoord dat in 1996 is vastgesteld, moet worden gewaarborgd dat: “het aandeel van de herbruikbare verpakkingen voor dezelfde goederen die in de handel zijn gebracht, niet vermindert in vergelijking tot het voorgaande jaar.” (7) Deze passage werd opnieuw bevestigd in het Samenwerkingsakkoord van 2008 tussen de gewesten en het is van toepassing op het bedrijfsleven (8).

De afname van herbruikbare verpakkingen in een markt die juist stijgt, betekent dat er een verschuiving van herbruikbare verpakkingen richting wegwerpverpakkingen plaatsvindt. Hierdoor wordt het Samenwerkingsakkoord, wat de basis is voor de erkenning van Fost Plus, geschonden.

 

2. Metaal

De recyclage van metalen verpakkingen zoals drankblikjes en conservenblikken wordt door Fost Plus geschat op 102,6%. Maar volgens de statiegeldstudie van de OVAM wordt slechts 51% van de blikjes via de blauwe zak ingezameld (9). Van de 19.465 ton blikjes (aluminium plus staal), wordt namelijk slechts 9.999 ton selectief ingezameld (zie ook tabel 2 hieronder). De hoge recyclagecijfers worden verkregen doordat metalen uit de bodemassen van verbrandingsovens worden opgeteld bij de recyclagecijfers van verpakkingen.

Tabel 2: Impactanalyse invoering statiegeld op eenmalige drankverpakkingen

 

Hierbij worden ook metaal van niet-verpakkingen die uit bodemassen worden gehaald, opgeteld bij de recyclagecijfers van verpakkingen. Zo draagt bijvoorbeeld het metaal van een kleerhanger bij tot de score van gerecycleerd blik. Er ontstaat op deze manier een willekeurig en te hoog recyclagecijfer, opnieuw doordat de teller van de breuk stijgt zonder dat de noemer wordt aangepast.

Uit een Nederlandse studie naar de kosten en effecten van statiegeld blijkt daarnaast dat er ongeveer 38% van het aluminium verloren gaat wanneer het terecht komt in een verbrandingsoven (10). Nederland heeft echter modernere afvalverbrandingscentrales met modernere aluminium-scheidingsinstallaties. De verwachting is dat de verliezen in Vlaanderen hoger zijn.

 

3. Drankenkartons

De recyclage van drankenkartons schat Fost Plus op 91,0%. Dit is 8,4% lager dan in 2016. Deze sterke daling wordt niet toegelicht in het jaarverslag van Fost Plus.

Volgens de eerder genoemde sorteeranalyse van OVAM komt 1,45 kg drankenkartons per inwoner terecht in het restafval, dat niet gerecycleerd wordt (11). In tegenstelling tot metalen kunnen drankenkartons niet worden gerecupereerd uit bodemassen van verbrandingsovens. Voor heel Vlaanderen gaat het dan over 9.448 ton drankkartons die verloren gaan via het restafval.

Volgens het jaarverslag van Fost Plus wordt 17.427 ton op de markt gezet in België. Omgerekend naar Vlaanderen gaat het dan om 10.029 ton.

Als we buiten beschouwing laten dat een deel van de drankenkartons terecht komen in het zwerfafval, de openbare afvalbakken en de restafvalbakken van bedrijven, dan is er dus sprake (10.029-9.448)/10.029 = 5,8% recyclage.

Dit getal is zonder enige twijfel een sterke onderschatting van het daadwerkelijke recyclagecijfer. Een mogelijke verklaring is dat er bij drankenkartons nog veel meer dan bij andere verpakkingen sprake is van een zeer hoge vervuilingsgraad. Dat maakt zowel de verpakkingen in het restafval als in de blauwe zak zwaarder. Dat zou ook kunnen verklaren waarom beide cijfers zo ver uit elkaar liggen.

In Vlaanderen is niet vastgesteld wat de vervuilingsgraad van drankenkartons is, maar in Nederland zijn daar wel analyses van. Volgens een recente analyse van Eureco maken drankenkartons 2,6% van het Nederlandse restafval uit. Meer dan de helft daarvan (1,5%, oftewel relatief 57,7%) bestaat uit vocht en vuil (12). Als we op basis van de Nederlandse data het aandeel vocht en vuil aftrekken van de drankenkartons in het Vlaamse restafval, dan concluderen we dat 9.448*(1-0,577) = 3.997 ton drankverpakkingen niet worden gerecycleerd. We hanteren verder de aanname dat hiervan 5-10% uit het buitenland afkomstig is en dat 8% afkomstig is van zogenaamde freeriders. Als hiervoor wordt gecorrigeerd dan blijkt dat 3.277 ton tot 3.477 ton van de door de leden van Fost Plus op de markt gebrachte drankenkartons niet wordt gerecycleerd.

De recente meting van Limburg.net laat zien dat 0,24% van het gewicht van het zwerfvuil bestaat uit drankenkartons (13). Dat percentage toegepast op de totale hoeveelheid zwerfvuil in 2015 van 27.427 ton, komt neer op ongeveer 23 tot 24 ton drankenkartons in het zwerfvuil (14) (15). Gecorrigeerd voor buitenlandse aankopen, freeriders en vocht en vuil is dat 0,2% van wat er in 2017 op de Vlaamse markt werd gezet door de leden van Fost Plus.

Uit de berekeningen blijkt dat ongeveer 3.300 tot 3.501 ton drankenkartons niet selectief wordt ingezameld en dus niet wordt gerecycleerd. Hieruit volgt dat maximaal 64,4 tot 66,4% van de drankenkartons via de blauwe zak wordt ingezameld en gerecycleerd.

Als ook nog wordt gecorrigeerd voor het aandeel drankenkartons in de restafvalbakken bij bedrijven, dan zal het recyclagecijfer lager uitvallen.

Tot slot merken we hierbij op dat deze berekening vooral inzicht moet geven in de mate waarin het recyclagecijfer van 91,0% is overschat.

 

4. Plastic flessen en flacons

 

Rekenmethode 1

De recyclage van plastic flessen en flacons schat Fost Plus op 82,9%.

Jaarlijks wordt door de leden van Fost Plus 84.990 ton plastic flessen en flacons op de Belgische markt gebracht. Omgerekend naar Vlaanderen gaat het om 48.913 ton plastic flessen en flacons die op de markt worden gebracht.

Volgens het jaarverslag van Fost Plus is het recyclagepercentage voor enkel de PET-flessen zelfs nog hoger, namelijk 87,7%. Maar het is niet waarschijnlijk dat het inzamelpercentage specifiek voor PET-flessen hoger ligt dan het gemiddelde percentage voor flessen en flacons, omdat een aanzienlijk deel van de PET-flessen buitenshuis worden geconsumeerd en daar ook wordt weggegooid. Voor verdere berekeningen gaan we daarom uit van het cijfer van 82,9%.

Eerder in deze nota is aangegeven op welke manier recyclagecijfers van verpakkingen kunnen worden overschat. Als we corrigeren voor de verschillende redenen die leiden tot een overschatting van de recyclage van plastic flessen, dan kunnen we stellen dat er waarschijnlijk minimaal 20-25% overschatting is voor de ingezamelde plastic drankflessen (op 100% van de verpakkingen) (16).

Het cijfer van 82,9% wordt dan gecorrigeerd; maximaal 62,2 tot 66,3% van de plastic flessen wordt gerecycleerd.

Het recyclagepercentage valt nog lager uit wanneer ook de sorteerfouten en/of recyclageverliezen worden meegeteld.

 

Rekenmethode 2

Het is ook interessant om te kijken naar de sorteeranalyse die de OVAM heeft uitgevoerd. Volgens deze sorteeranalyse komt er per burger gemiddeld 2,98 kg, dus voor heel Vlaanderen 19.104 ton plastic flessen en flacons in de restafvalzak terecht (17).

Uit de Vlaamse statiegeldstudie (zie tabel 2 hieronder), blijkt dat in 2014 in totaal 32.040 ton PET op de Vlaamse markt werd gezet op een totaal van 50.170 ton plastic flessen en flacons. We hanteren de aanname dat er relatief net zoveel plastic flessen als flacons in het restafval terecht komen.

Dit betekent dat 32.040/50.170*19.104 = 12.200 ton van de plastic flessen bij het restafval terecht komt. Dat staat gelijk aan een percentage van 38,1%. Als we hier corrigeren voor ongeveer 20-25% buitenlandse aankopen, freeriders en vocht/vuil, dan constateren we dat ongeveer 28,6 tot 30,5% van de plastic flessen op de Vlaamse markt in het restafval terecht komt (9.150 tot 9.760 ton).

Volgens de statiegeldstudie uit 2015 bestaat ongeveer 19 tot 33% van het gewicht van het zwerfafval en het afval in openbare afvalbakken uit plastic flesjes en blikjes (18). De recente studie van Limburg.net geeft een gewichtspercentage van 11,34% voor blikjes en 6,67% voor plastic flesjes, wat samen 18,01% is. Voor verdere berekeningen wordt daarom een range van 18 tot 33% gehanteerd.

Volgens de OVAM werd in 2015 27.427 ton zwerfvuil en vermeden zwerfvuil (openbare afvalbakken) door gemeenten en andere publieke partijen zoals gemeenten en agentschappen, opgeruimd (19). Om de verhouding tussen blikjes en flesjes te bepalen gaan we uit van de recente zwerfvuiltelling van Limburg.net. Daarbij is in totaal 52,4 kg aan blikjes en 30,8 kg aan flesjes geteld. Dat betekent dat de flesjes een gewichtsaandeel van 37,0% uitmaken op het gecombineerde aandeel flesjes en blikjes in het zwerfvuil.

Uitgaande van 27.427 ton afval, waarvan 18 tot 33% drankverpakkingen zijn en waarvan 37% flesjes zijn, spreken we over 1.828 – 3.351 ton plastic flesjes die niet worden gerecycled maar in het milieu terechtkomen of in de afvalbakken op straat worden weggegooid. Ook deze cijfers corrigeren we voor buitenlandse aankopen, freeriders en vocht/vuil, waardoor kan worden vastgesteld dat 1.371 tot 2.680 ton van de plastic flessen van de leden van Fost Plus in het Vlaamse zwerfvuil of in de openbare afvalbakken terecht komt.

Als we dit optellen bij de 9.150 -9.760 ton plastic flesjes die in het restafval zitten, dan kunnen we vaststellen dat 10.521 ton (32,8%) tot 12.441 ton (38,8%) van de plastic flesjes niet wordt gerecycleerd.

De conclusie volgens rekenmethode 2 is dan ook dat maximaal 61,2% tot 67,2% van de plastic flesjes wordt gerecycleerd.

In deze berekeningen zitten enkele onzekerheden :

  1. De sorteeranalyse van het restafval kent ook meetonnauwkeurigheden. De verschillen in uitkomsten tussen de seizoenen waarin is gemeten, zijn echter beperkt.
  2. Er ontbreekt het aandeel plastic flesjes dat bijvoorbeeld via het restafval bij bedrijven wordt ingezameld. Als dit in kaart wordt gebracht dan wordt het recyclagecijfer naar beneden bijgesteld.
  3. Er ontbreekt het aandeel plastic flessen dat via de straten, bermen en natuur niet wordt opgeruimd maar terechtkomt in de plastic soep. Als dit in kaart wordt gebracht dan wordt het recyclagecijfer naar beneden bijgesteld.
  4. Op basis van studiewerk van het zwerfafval gaan we ervan uit dat 18 tot 33% van het gewicht van het zwerfafval uit plastic flessen en blikjes bestaan. We hebben aangenomen dat dit ook geldt voor het afval dat in de openbare afvalbakken wordt aangetroffen.
  5. Een deel van het afval in het milieu wordt niet als zwerfafval maar als sluikstort aangemerkt. Denk bijvoorbeeld aan een vuilniszak vol met huishoudelijk afval. Hier zit ook een deel plastic flessen in, maar dit aandeel is onbekend. Als dit in kaart wordt gebracht dan wordt het recyclagecijfer naar beneden bijgesteld.

 

 

Meer info: Rob Buurman, directeur Recycling Netwerk Benelux rob.buurman@recyclingnetwerk.org

 

 

Voetnoten

1. Fost Plus rapporteert cijfers over heel België. Voor deze en ook volgende berekeningen, rekenen we terug naar geproduceerde en gerecycleerde hoeveelheden afval voor Vlaanderen op basis van het inwonertal van Vlaanderen (6.516.011) en België (11.322.088) op 1 januari 2017. Dit maakt de cijfers vergelijkbaar met andere cijfers die op Vlaams niveau worden verzameld.

2. OVAM. 2015. Sorteeranalyse-onderzoek huisval 2013-2014.

3. OWS. 2018. Samenstelling zwerfvuil van Limburg.net.

4. IDEA Consult. 2018. Onderzoek naar de hoeveelheden en beleidskosten van zwerfvuil in Vlaanderen – Theoretisch model, clusteranalyse, steekproef.

5. De totale hoeveelheid zwerfvuil in 2015 bevat ook het vermeden zwerfvuil dat in de openbare afvalbakken terecht komt. Voor de berekening is ervan uitgegaan dat het relatieve aandeel glas in de openbare afvalbakken gelijk is aan wat uit de meting in opdracht van Limburg.net blijkt.

6. IVC. 2017. Activiteitenverslag 2016.

7. 5 maart 1997 – Samenwerkingsakkoord van 30 mei 1996 betreffende de preventie en het beheer van verpakkingsafval.

8. 4 november 2008 – Samenwerkingsakkoord betreffende de preventie en het beheer van verpakkingsafval.

9. OVAM. 2015. “Impactanalyse invoering statiegeld op eenmalige drankverpakkingen.”

10. CE Delft. 2017. “Kosten en effecten van statiegeld op kleine flesjes en blikjes.”

11. OVAM. 2015. Sorteeranalyse-onderzoek huisval 2013-2014.

12. Rijkswaterstaat. 2017. “Samenstelling van het huishoudelijk restafval, sorteeranalyses 2016”

13. OWS. 2018. Samenstelling zwerfvuil van Limburg.net.

14. IDEA Consult. 2018. Onderzoek naar de hoeveelheden en beleidskosten van zwerfvuil in Vlaanderen – Theoretisch model, clusteranalyse, steekproef.

15. De totale hoeveelheid zwerfvuil in 2015 bevat ook het vermeden zwerfvuil dat in de openbare afvalbakken terecht komt. Voor de berekening is ervan uitgegaan dat het relatieve aandeel drankenkartons in de openbare afvalbakken gelijk is aan wat uit de meting in opdracht van Limburg.net blijkt.

16. Buitenlands aankopen 5-10%, freeriders 8%, vocht en vuil 7% (In Vlaanderen zijn er naar ons weten geen openbare studies beschikbaar die de mate van contaminatie bij gesorteerde PET-flessen in kaart brengen. In Nederland is hier wel onderzoek naar gedaan. In een studie in opdracht van het Afvalfonds (de Nederlandse tegenhanger van Fost Plus) wordt geschat dat de gesorteerde stroom PET voor 7% bestaat uit vocht en vuil. Bron: Wageningen UR Food & Biobased Research. 2016.).

17. Voor deze berekening wordt gebruikt gemaakt van het bevolkingscijfer van 1 januari 2014 omdat ook gerekend wordt met de hoeveelheid PET op de Vlaamse markt in 2014. Op dat moment had Vlaanderen 6.410.705 inwoners.

18. OVAM. 2015. Impactanalyse invoering statiegeld op eenmalige drankverpakkingen; OWS. 2018. Samenstelling zwerfvuil van Limburg.net.

19. IDEA Consult. 2018. Onderzoek naar de hoeveelheden en beleidskosten van zwerfvuil in Vlaanderen – Theoretisch model, clusteranalyse, steekproef.