Afvalstrategie

Het afvalbeleid in Nederland laat nog veel te wensen over. Als het gaat om afvalbeheer loopt Nederland echt niet overal voorop in de wereld. De jaarlijkse hoeveelheid afval per huishouden is in Nederland bijzonder groot. En voor zover afval wordt gerecycled gebeurd dat bepaald niet altijd hoogwaardig. Foute beeldvorming daarover, ook in officiële stukken, moet worden rechtgezet. Meer aandacht voor betrouwbare monitoring kan daarbij helpen.
Het is mooi dat er in Nederland veel minder wordt gestort dan in veel andere Europese landen. Maar voor storten hadden we natuurlijk al ver in de vorige eeuw eigenlijk geen ruimte meer. De Nederlandse bodem is daarvoor ook minder geschikt en feitelijk ook te duur. Met het huishoudelijk afval hebben we daardoor snel de eerste stap gezet op de Ladder van Lansink: van storten naar verbranden. Twintig jaar later wordt echter nog steeds de toon gezet door afvalverbranders. In de praktijk betekent dit, dat eerst stort en nu afvalverbranding -onderaan de ladder- veel meer aandacht en veel meer budget krijgen dan preventie en (hoogwaardige) recycling bovenaan de ladder. Dat moet anders …

Intenties en ambities
Preventie en hoogwaardige recycling, daar gaat het om. Dat geldt ook voor consumentenafval, de focus van Recycling Netwerk. De kern van een goede afvalstrategie is voor ons het streven naar minimale milieudruk! Gelukkig is dat ook een wens van ons MilieuMinisterie. In 2011 werden die intenties zelfs al verwoord in dezelfde stukken waarin zo ronkend werd verklaard hoe goed ons afvalbeheer al wel niet is.
Om de ambities van het afvalstoffenbeleid waar te maken moet er heel wat gebeuren. De gewenste toename van het overall recyclingpercentage naar 83% vereist vooral veel meer recycling van huishoudelijk afval. En de markt regelt niet vanzelf echte preventie en echte recycling (tot hoogwaardige en waardevolle grondstoffen). Delen van het bedrijfsleven zijn daarbij gebaat, maar andere delen niet. Er is dus regie nodig.

Recycling Netwerk wil :

Recycling Netwerk pleit voor een afvalstrategie die past in een eerlijk en duurzaam grondstoffenbeleid, door:

  • Afvalbeheer
    • Meer regie van landelijke en lokale overheid; afvalbeheer niet grotendeels aan de markt overlaten.
    • Adequate implementatie van producentverantwoordelijkheid (ipv vrijblijvende aflaat-regelingen).
    • Betere monitoring en meer analyses – om te komen tot scherpere wetshandhaving en betere sturing.
    • Minder gesleep met afval; afvalbeheer moet zoveel mogelijk plaatsvinden binnen 1) NL en 2) EU.
  • Preventie
    • Materiaalverbruik in producten inperken met ALARA-eisen (As Low As Reasonably Achievable).
  • Recycling
    • Meer en betere recycling (en minder afvalverbranding); bij recycling gaat ‘t om kwantiteit én kwaliteit.
    • Prioriteit voor milieuwinst boven hogere recyclingpercentages bij het stimuleren van recyclen.
    • Meer inzameling op productniveau om te komen tot hoogwaardiger recycling.